Loading

Jantje in de rekenles

Jantje zit op school in de rekenles.
De juf zegt:
"Op de telefoondraad zitten 10 vogeltjes.
Ik neem een geweer en ik schiet één vogeltje neer.
Hoeveel vogeltjes zitten er nu nog op de draad?"

Iedereen aan het denken en na enkele minuten steekt Jantje zijn vinger op.

"Ja Jantje", zegt de juffrouw, "zeg het maar".
"Juffrouw", zegt Jantje,
"er zitten geen vogels meer op de draad".

"Jawel.", zegt de juffrouw,
"Er zitten tien vogeltjes op de draad, ik schiet er één vanaf dus...
tien min één is negen."

"Neen.", zegt Jantje.
"Uw geweer maakt zoveel lawaai dat alle andere vogeltjes gaan vliegen."

"Nou, Nou Jantje", zegt de juffrouw.
"Tien min één is negen,
maar ik hou wel van de manier waarop je denkt."

"Ach" zegt Jantje, "zulke vragen kan ik ook stellen."

"Oh ja",vraagt de juffrouw, "stel dan maar eens zo een vraag."

Jantje denkt eventjes na en stelt volgende vraag:
"Juffrouw, in het park zitten drie vrouwen op een bank.
Ze hebben alle drie een ijsje vast.
De éne likt eraan,
de tweede bijt erin en de derde zuigt eraan.
Wie van de drie is getrouwd ?"

De juffrouw slaat zo rood uit als een tomaat en stottert ...

"Eh, ik ... ik ... Eh,
ik denk diegene ... die eraan zuigt."

"Wel neen", zegt Jantje.

"Het is diegene die een trouwring draagt, maar ...ik hou van de manier waarop u denkt!"